dinsdag 29 maart 2022

Doodsschreeuw

Iets schreeuwt er in het bos. De kreet krijst door merg en been, gaat dwars door huid en haar. De pijn wordt opgenomen als onzichtbare energie. 

Het is donker. Net iets voor middernacht, als mijn nekharen recht overeind gaan staan en mijn maag zich samenknijpt. Mijn hart huilt en de brok verstikt de tranen in mijn keel. 

Ik denk aan mijn kat. 

Hoe Tommy ooit eens net zo schreeuwde. Hij had met iets gevochten. Of eigenlijk iets had met hem gevochten. De angst kon ik ruiken aan zijn vacht toen hij voor het kattenluikje neerstortte en ik hem oppakte. 

Die schreeuw kwam nog veel vaker. Tommy had een chronische alvleesklier ontsteking, waardoor hij aanvallen van extreme pijn kreeg. Dan schreeuwde hij ook. Met alles wat hij in zich had verwoordde die schreeuw, dat dat moment een kleine dood was. 

De verbinding die we hadden maakte dat ik hem kon voelen. En hij mij. 

Sindsdien weet ik dat mens en (huis)dier verbonden zijn op een dieper niveau dan ik op rationeel niveau kan verklaren.

Ik vraag me af wat het was in ons bos? Een kat, een konijn, of een haas? 

Alles in me wil naar buiten rennen om te helpen. Maar ik zit versteend op de bank naar mijn spiegelbeeld te kijken in het donkere raam. 

Op de radio komt een spotje voorbij. Over de dood, dat je erover moet praten, niet er overheen. 

Nu biggelt er een traan. Mijn schonezus en mijn kat zijn allebei op dezelfde dag in november overleden. 

En ik praat er nauwelijks over. Niet zoveel althans. Alleen zeg ik af en toe hardop dat ik ze zo mis met natte ogen, omdat het verdriet ineens rauw naar de oppervlakte golft en ik het in woorden moet uitbraken.

Ter afleiding scroll ik door de kunstpagina’s op instagram. 

Nog meer dood. Nog meer ellende. 

Diep verdriet om Oekraïne. Uitingen van intens verdrietige kunstuitspattingen, van verdriet en verlies in heldere geel blauwe kleuren. 

Zelfs de stilte in huis is dodelijk op dit moment. 

Plots, rolt mijn tekenpen van de tafel af. 

De punt breekt af en het ligt stil, alsof zelfs die pen net is overleden. 

Ik huil. 

Ik huil om het verlies van mijn dierbaren, het verlies van onbekende strijders en strijdster. Huilen, omdat naast al dat verdriet het besef bestaat dat ik leef en dit naast dat verdriet bestaat. 

Dus ja, de dood, ik praat er over. Nu wel, want het is verschrikkelijk veel en enorm rauw. Of rouw, het is maar hoe je het ziet. 

Als de laatste oersnik opdroogt pak ik mijn pen op. Ik plug er een nieuwe punt op en teken. Ik teken, omdat ik niet anders kan nu. 

Het is tekenen of ‘doodgaan’ van verdriet…





woensdag 9 maart 2022

Kunst moet toegankelijk zijn voor iedereen. Dat is een uitspraak die je vaak hoort als je over kunst praat of leest. 

Voor mij is dat een understatement. 

Ik heb dus ook niets met ingewikkelde kunst. Het soort waarvan de kunstenaar is opgegaan in een eigen leefwereld die zonder uitleg een explosie is van beeld. Soms enorm vaag, soms kleurig en soms lijkt het alsof een kleuter van 4 het heeft gemaakt. 

Kunst is zo veelzijdig dat het soms lastig is om te bepalen of het kunst is. 

Ik maak geen onderscheid meer tussen professionele kunst, of een project van een “amateurkunstenaar”. Ik ken er inmiddels genoeg die beter in staat zijn een beeld vast te leggen, dan de kunstenaar die 24/7 in een atelier een gevecht aangaat met een eigengerichte fascinatie. 

En om die redenen, ben ik geen kunstkenner. 

Ik heb me ook nooit verdiept in stromingen. 

Zo loop ik af en toe tegen iets aan wat me raakt en dan onthoud ik vaak tijdelijk, dat ik dat mooi vind om naar te kijken. (Of dat ik me afvraag waar de techniek vandaan komt.)

Kunst is naar mijn idee, al vele malen opnieuw uitgevonden. 

Creativiteit is een ander verhaal. 

Creativiteit is een stroom die op gang komt als iemand geinspireerd raakt. Bijvoorbeeld door een mooi beeld, maar het kan ook een perfect gegaarde aardappel zijn, of een stuk in de krant wat lekker wegleest. Een goed gesprek waardoor echt contact gemaakt wordt, doet dit ook voor mij. 

Ik ben fan van Julia Cameron. 

Zij is een inspirator voor mij. Zij maakt kunst-maken toegankelijk voor iedereen.

Elke dag intuitief bezig zijn zonder dat het ‘iets’ moet voorstellen. Zij doet dit met ‘de ochtendpagina’s.’ Je schrijft elke dag 2 a4tjes vol met alles wat er in je opkomt. Het hoeft niets te zijn of een doel te hebben. 

Door die oefening leerde ik loslaten. 

Loslaten dat mijn kunst ‘iets’ moest voorstellen, waardoor ik vergat plezier te hebben. Dat is ook het moment dat ik vastloop. Of in begrijpelijke taal:”er geen zin meer in heb.”

Ik hou er enorm van om ongecontroleerd en zonder regels mijn gang te gaan. En dat levert niet altijd het beeld op, wat ik eerder in mijn hoofd had. 

Je kunt je afvragen of dat moet? Moet het beeld altijd kloppen? 

Ook die vraag is niet zo belangrijk meer, want het idee is bijna altijd plezier hebben in de weg er naartoe. 

Hoe langer ik pruts met een ding, hoe ‘slechter’ het wordt. De ziel vervaagd en laat zich alleen nog maar vangen als het in de prullebak beland en ik opnieuw begin. Dat geldt voor elke keus die je maakt.

‘Mijn kunst’… stelt daardoor helemaal niets voor en daardoor is het dus ook nooit af. 

Of het knap is, is een vraag die alleen de toeschouwer kan beantwoorden. 

En of het mooi is?



dinsdag 1 maart 2022

Strong speech of Ukrainian president Zelensky



Love Bird - No War

Oorlog is denk ik wel het meest machteloze wat je kan overkomen als mens. Het laat me nadenken over ‘Make love, no war.’ Over leven zonder geweld. Het is een besproken onderwerp in de yogaklas van mijn lief. Hoe kun je je eigen leven zo inrichten dat het geweldloos is? 

Maar met de oorlog in Oekraïne, dus de ‘niet zo ver van mijn bed oorlog’ is die vraag bijna niet te beantwoorden. En al helemaal niet als je je moet inleven bij mensen die aan het front voor hun en ook mijn vrijheid vechten. 

Mijn antwoord op die vraag is, is dat zolang er oorlog bestaat, de keus op een geweldloos bestaan niet zo gemakkelijk is. Het neigt naar lafheid, niet opstaan voor de idealen of opkomen voor de democratische standaarden waar we in het westen veel waarde aan hechten. Ook ik. 

En als er dan iemand in mijn achtertuin staat en die waarden met geweld wil afnemen, dan verwacht ik niet dat ik mijn andere wang toekeer.

Oorlog in mijn achtertuin betekend nu nog dat de vogeltjes vechten om een nestkastje of de beste plek op de tak. En met de aankomende lente zijn het allemaal ‘Lovebirds’. 

Liefdesvogeltjes die zingen dat het licht onderweg is.

Het leidt me af van het knagende gevoel van machteloosheid. 

Graag stel ik je voor aan Love Bird. 

Mijn manier om zolang het kan, geweldloos om te gaan met oorlog.